Met het Vlaams Innovatiebeleidsplan roept viceminister-president Fientje Moerman haar collega-ministers op om mee te werken aan een 'van innovatie doordrongen' beleid over de bevoegdheidsgrenzen heen.
Vooraf vraagt de Raad aandacht voor drie types innovatie die tegelijkertijd en evenwichtig moeten aanwezig zijn: innovatie van producten en diensten, innovatie van processen en structurele innovatie.
De VRWB onderschrijft dat innovatie aangemoedigd wordt op diverse manieren in diverse domeinen en dat alle vormen van innovatie ingepast worden in een globaal, horizontaal beleidsplan. Deze invalshoek is vernieuwend en is een positief gegeven. De VRWB vraagt zich evenwel af of een oproep aan de andere beleidsdomeinen niet te vrijblijvend is.
Het beleidsplan is qua thema's een zeer volledig document, maar blijft veeleer een bundeling van beleidsintenties uit het regeerakkoord, die worden toegelicht met bestaande of aangekondigde beleidsmaatregelen. Er zijn ook uitdagingen verbonden aan dit plan. Hoe kan de minister haar collega-ministers overtuigen om innovatie in hun beleidsdomein te stimuleren en om een actieplan neer te leggen. Welke incentives zijn mogelijk voor de horizontale integratie/coördinatie in de administratie?
De integratie van meer innovatie in de andere beleidsdomeinen mag niet verhaald worden op de extra middelen voor het beleidsdomein 'W&I'. Een zekere selectiviteit in wat al dan niet budgettair ondersteund wordt, is aangewezen. De Vlaamse regering moet daarom binnen haar beleid eigen klemtonen leggen. Het VRWB-project i.v.m. prioriteitsstelling kan hiervoor een referentiekader aanreiken.
Opleiding en vorming zijn cruciaal in het concept van de innovatieketen. Coördinatie onderwijs - wetenschap en innovatie is daarom een zeer belangrijk aspect. Toch wordt deze schakel wat onderbelicht in de negen krachtlijnen.
De VRWB heeft de krachtlijnen meer in detail bekeken en merkt het volgende op:
- Vlaanderen blijft nog steeds modaal wat het innovatieprofiel betreft.
- Een verruiming naar niet-technologische aspecten is volop aan de gang, maar dit betekent niet dat het volledige innovatiebeleid en de steunmechanismen hierop moeten worden afgestemd ten koste van de basis, nl. technologische innovatie.
- De VRWB wijst ook op de rol van de overheid in het correct informeren van de burger, het stimuleren van ondernemingszin, creativiteit, verlaagde risicoaversie, het stimuleren van activerend onderwijs en het sensibiliseren van jongeren voor wetenschap en innovatie om een maatschappelijk draagvlak voor innovatie te creëren.
- Het aanmoedigingsbeleid voor een grotere mobiliteit van de onderzoeker in kennisinstellingen en in het bedrijfsleven wordt ondersteund.
- De Raad herhaalt dat de budgettaire inspanningen van die aard zijn dat ze ruimschoots de overheidsplanning overtreffen.
- De grootste handicap op het vlak van kosten tussen België en zijn buurlanden zijn de loonkosten van onderzoekers. Om daaraan te verhelpen zijn fiscale instrumenten de meest aangewezen beleidsopties.
- Meer prikkels moeten worden gegeven aan die onderzoekers aanzetten tot meer interactie met het bedrijfsleven.
- De Raad onderschrijft de noodzaak aan meer onderzoekers en stelt voor dat dit volgens een realistisch groeipad gebeurt. Een scala aan maatregelen kan hiertoe ingezet worden. Daarnaast wijst de VRWB er ook op dat er meer aandacht nodig is voor het vervolgtraject en voor de volledige carrière van de onderzoeker.
- Vanuit de overheid en het bedrijfsleven moet een inspanning worden geleverd om doctores gemakkelijker in het bedrijfsleven te integreren.