Door de concurrentie tussen mediasectoren komt wetenschap, technologie en innovatie te weinig aan bod. Ook de VRT ontsnapt hier niet aan. Sensationeel, story-based nieuws krijgt voorrang. Toegankelijke wetenschapscommunicatie is nochtans essentieel om jongeren te stimuleren voor een wetenschappelijke carrière. Bedrijven schreeuwen om ingenieurs, chemici, biotechnologen, technici ... Dit deelt de Vlaamse Raad voor Wetenschapsbeleid (VRWB) mee aan ministers Fientje Moerman, Geert Bourgeois en Frank Vandenbroucke. De VRWB vroeg aan de adhoc werkgroep 'Media en Wetenschap', onder leiding van media-expert Prof. Els De Bens (UGent), een aantal oplossingen naar voor te schuiven.
Wetenschapscommunicatie via de media: situatieschets
- Om tot een optimale wetenschapscommunicatie via de media te komen moet er rekening gehouden worden met de huidige context. Een veelheid van actoren en factoren spelen een rol. Onderwijs, overheid, bedrijven, NGO's, drukkingsgroepen ... nemen deel aan het communicatieproces rond wetenschap, technologie en innovatie. Wetenschapscommunicatie is een dynamisch proces geworden en is niet langer éénrichtingsverkeer van wetenschapper naar journalist. De verwetenschappelijking van de maatschappij gaat gepaard met een vermaatschappelijking van de wetenschap. Dit zorgt ervoor dat er de laatste jaren een hernieuwde belangstelling is voor wetenschapscommunicatie.
- Een andere factor is de toenemende commercialisering en onderlinge concurrentie van de mediasectoren en het nieuwe mediaklimaat van infotainment. Met ernstige analyses en bijdragen over cultuur en wetenschap worden spijtig genoeg geen grote massa's aangetrokken.
- Hierbij aansluitend is er het probleem van de onderbezetting in de redacties van gespecialiseerde wetenschapsjournalisten. Vaak worden algemene journalisten ingezet voor wetenschapsverslaggeving, wat dan weer leidt tot een vervlakking van de communicatie. Ten slotte bestaat er vaak een stroeve relatie tussen wetenschappers en journalisten.
- Rekening houdend met de hierboven beschreven context schuift de VRWB een aantal oplossingen naar voor.
Hoe wetenschapscommunicatie via de media toegankelijker maken?
- De VRWB stelt dat er meer positieve aandacht moet komen voor de belangrijke rol die wetenschap, technologie en innovatie spelen in onze samenleving. Wetenschappelijke bijdragen van journalisten en wetenschapscommunicatoren moeten ingebed worden in een relevante maatschappelijke context. Dit maakt wetenschapsinformatie beter herkenbaar en attractiever.
- Om een breed publiek te bereiken zullen journalisten en aanbieders van wetenschapsinformatie rekening moeten houden met het nieuwe mediaklimaat van infotainment. De Trojaanse paard-formule kan hierbij een mogelijke strategie zijn: een 'story-based' of ludieke verpakking om de aandacht voor wetenschap los te weken in het tv-journaal, in talkshows, quizzen, docusoaps ... Het is echter vanzelfsprekend dat degelijke uiteenzettingen over complexe thema's niet kunnen afgehandeld worden in een quiz of soap.
Optimalisering van het netwerk tussen wetenschapsaanbieders en journalisten
- Wetenschapswoordvoerders, wetenschappers en wetenschapsjournalisten moeten elkaar op een meer gestructureerde wijze kunnen ontmoeten. De doelstelling van dergelijke ontmoetingssessies (cf. Bessensap in Nederland) is elkaar te leren kennen, eventueel samen te werken voor het opzetten van gezamenlijke mediaprogramma's en wetenschappers te stimuleren op een bevattelijke manier hun onderzoek te presenteren.
- Er zijn verschillende aanspreekpunten voor journalisten aan de kennisinstellingen. Deze diversiteit van aanspreekpunten moet behouden blijven. Daarnaast kunnen ook het IWT, FWO, KVAB ... als aanspreekpunt fungeren omdat zij een globaal beeld hebben van het onderzoeksgebeuren in Vlaanderen. Deze aanspreekpunten moeten beter bekend worden gemaakt via een digitaal loket dat optreedt als een virtueel netwerk tussen de verschillende aanspreekpunten.
- Wetenschappers moeten worden aangezet om mediatraining te volgen. Aan meerdere universiteiten worden hieromtrent al inspanningen geleverd, maar het kan professioneler.
- Het is wenselijk een deontologische code voor wetenschapscommunicatoren uit te werken. Journalisten moeten bijvoorbeeld door wetenschapswoordvoerders naar de meest aangewezen onderzoeker doorverwezen worden, ook al is die aan een andere instelling verbonden.
Hoe jongeren bereiken via de media?
- Jongeren in contact brengen met wetenschap en technologie en hen stimuleren voor een wetenschappelijke of technologische studierichting is in de eerste plaats de taak van het onderwijs. De media kunnen hier wel versterkend werken. De VRWB schuift volgende aanbevelingen naar voor:
- Men moet rekening houden met het mediagebruik van jongeren. Jongeren gebruiken naast de klassieke mediakanalen steeds meer de nieuwe media-instrumenten zoals het internet, gaming, podcasting ...
- De VRWB pleit ervoor een multimediawebsite op te starten waar jongeren en leerkrachten betrouwbare informatie kunnen vinden omtrent wetenschap en technologie, studierichtingen, getuigenissen van (jonge) onderzoekers ...
- Gerichte media-acties kunnen gelanceerd worden voor een geselecteerde groep van jongeren die men bijvoorbeeld wil stimuleren voor een loopbaan in exacte wetenschappen.
Bij het concreet uitwerken van wetenschapsprogramma's moeten programmamakers rekening houden met de volgende richtlijnen:
- Geschikte rolmodellen voor jongens én meisjes gebruiken, de actuele belevings- en ervaringswereld van jongeren benutten, teamwork en de human factor van wetenschappelijk onderzoek tonen, gebruik maken van de actieve betrokkenheid van wetenschappers, de inhoud én het proces van wetenschappelijk onderzoek laten zien, verwondering over technologie creëren door middel van het stellen van eenvoudige vragen, een interactieve en visuele manier van presenteren hanteren.
De specifieke rol van de openbare omroep in het kader van wetenschapscommunicatie
De VRT bekleedt een aparte plaats in het Vlaamse medialandschap omdat deze omroep gefinancierd wordt met hoofdzakelijk publieke middelen. De VRWB schuift de volgende aanbevelingen naar voor:
- Wetenschapscommunicatie moet meer expliciet en duidelijker omschreven worden in de decretale opdracht van de VRT.
- De invulling van de decretale opdracht moet gebeuren op alle netten en zenders en dus niet alleen op Canvas.
- Het VRT-Laboratorium 'Kennis en Wetenschap in de media' dat wetenschappers en programmamakers bijeen brengt, is een lovenswaardig initiatief dat dient bestendigd te worden.
- Wetenschapsinformatie in het journaal op Eén en Canvas brengen, is een noodzaak.
- Wetenschapsinformatie moet ook in entertainmentprogramma's aan bod komen (cf. Trojaanse paard-formule), maar met omzichtigheid.
- Meer en nieuwe programma's, meer zendtijd, meer personeel en meer middelen, voor wetenschap, technologie en innovatie is aanbevolen.
- Een strategisch aankoopbeleid van buitenlandse programma's (BBC, ARTE ...) over wetenschap, technologie en innovatie is ten zeerste aanbevolen.
Een beleid binnen de redacties
- De VRWB stuurt aan op een beleid binnen de redacties dat meer aandacht heeft voor wetenschap, technologie en innovatie. De media moeten hier vanuit de overheid gewezen worden op hun publieke functie en sociale verantwoordelijkheid.
Efficiënt en doelgericht gebruik van overheidsmiddelen
- De afgelopen tien jaar heeft de overheid jaarlijks heel wat financiële middelen ter beschikking gesteld voor wetenschapscommunicatie via het 'Actieplan Wetenschapsinformatie en Innovatie'. Er is nood aan meer onderzoek en follow-up over invulling en impact (cf. effectmetingen) van deze overheidsinspanningen.
- Naast de VRT-dotatie, blijven extra overheidsmiddelen nodig voor audio-visuele omroepprogramma's inzake wetenschapscommunicatie. Deze bijkomende middelen worden projectmatig toegekend op basis van een openbare oproep. Ook commerciële zenders moeten hieraan kunnen deelnemen. Bij de evaluatie en toewijzing van steunmiddelen is meer transparantie en controle nodig.
- Overheidscampagnes (cf. Boodschappen van Algemeen Nut) worden aangemaakt door professionele reclamebureaus en slaan vaak goed aan. Deze strategie kan door de overheid ook gebruikt worden om informatie over wetenschap, technologie en innovatie, los van redactionele inmenging, in de media te brengen.
