Met het oog op de begrotingsbesprekingen 2011 bracht de VRWI gisteren zijn advies 138 'Begroting Wetenschap en Innovatie 2011' uit aan de Vlaamse Regering. De in 2009 en 2010 doorgevoerde besparingen van de overheid in onderzoek en ontwikkeling hebben de investeringen teruggebracht tot 0,72% van het BBPR of het niveau van 2003. De VRWI raadt de Regering aan de 3%-norm tegen 2014 te halen of minstens een jaarlijks groeiritme van 8% aan te houden.
In zijn advies 134 van 22 december 2009 bracht de Raad - toen nog VRWB - een dringende boodschap aan de voltallige Vlaamse Regering om niet te besparen op wetenschap en innovatie.
Wetenschappelijk onderzoek en innovatie spelen immers een cruciale rol in de concurrentiepositie van onze economie maar ook in de kwaliteit van ons leven in brede zin. De hoogst noodzakelijke vernieuwing van ons economisch weefsel wordt gedreven door innovatie. De regio's die zich het best en snelst aanpassen aan de nieuwe vereisten zullen een voorsprong hebben.
De meest recente cijfers voor Vlaanderen tonen echter een negatieve evolutie. Onderzoek van de VRWI leert dat de inspanningen van de Vlaamse overheid sinds 2002 grosso modo stagneerden rond 0,72% van haar binnenlands product. "Dit betekent dat de Vlaamse investeringen in onderzoek en innovatie amper gelijke tred hielden met onze economische ontwikkeling. Bij doorgezette besparingen zou dit percentage in 2011 zelfs dalen."
Hierdoor wordt de Europese 3% norm voor O&O (met 1% financiering door de overheid en 2% door de bedrijven) en tevens een van de doelstellingen van het VIA Pact 2020, tegen 2014 steeds moeilijker haalbaar. Het bereiken van de 1% overheidsdoelstelling in 2014 vraagt nu al een jaarlijkse extra investering van 300 miljoen euro vanaf 2012" zegt Dirk Boogmans, voorzitter van de VRWI. "Wij hopen dat dit nog een haalbare kaart is, maar dit vraagt een zeer grote en gedurfde inspanning van de Vlaamse Regering. De VRWI vraagt de minister een jaarlijks groeiritme van 8% aan te houden, wat overeenkomt met de inhaalbeweging van de laatste 15 jaar."
In andere westerse landen, waar de crisis even hard toeslaat als bij ons, hebben overheden - ondanks de besparingsdruk - onderzoek en ontwikkeling gespaard. Sterker nog: vaak werden de budgetten zelfs versterkt. Enkele voorbeelden:
- Duitsland besliste eind 2009 12 miljard € extra te investeren in onderwijs en onderzoek;
- Frankrijk trekt 35 miljard uit voor het innovatiepotentieel en om de aantrekkingskracht van de universiteiten te versterken
- De VS trekken hun budget voor civiele O&O op met 6,4 % tot 61,6 miljard dollar voor 2011
- Finland verhoogt haar O&O investeringen naar 4% van het BBP in 2011
"De economische toekomstperspectieven verplichten ons de Vlaamse Regering te wijzen op die dringende investeringsnood voor wetenschap en innovatie. Alleen zo kan ze haar aangekondigde objectieven op het vlak van innovatie waarmaken en op termijn de welvaart en welzijn in Vlaanderen waarborgen," aldus nog Dirk Boogmans. "Natuurlijk mag de bedrijfswereld niet achter blijven en pleit de VRWI ervoor ook hier de nodige druk op de ketel te zetten, opdat de Vlaamse bedrijven ook extra inspanningen zouden leveren voor de vernieuwing van onze kenniseconomie."
Eenmalige O&O inspanningen zullen hiervoor niet volstaan. In haar begrotingsadvies wijst de VRWI daarom ook op de absolute noodzaak voor de Vlaamse Regering om een meerjarenplan 2009-2014 voor wetenschap en innovatie op te stellen en te koppelen aan een meerjarenbegroting.
De Nederlandse Adviesraad voor Wetenschap en Technologie (AWT) verwijst in haar elektronische nieuwsbrief van 12 augustus 2010 naar de oproep van de VRWI om extra te investeren in onderzoek en ontwikkeling.
